vrijdag 14 januari 2011

De Tijdparadox van Zimbardo

Ik las onglangs een interessant artikel over de Time-Paradox van Philip Zimbardo. Het bijhorende videofilmpje was een aangename manier om wetenschappelijke materie eenvoudig voor te stellen. Alleen ben ik het niet eens met zijn uitgangspunt, waardoor de Tijdsparadox artificieel en arbitrair lijkt.

Zimbardo gaat uit van de stelling dat als we méér tijd zouden krijgen (25 uren per dag, 8 dagen per week, een weekend van 3 dagen enz...) we die tijd zouden opvullen met nog meer werk en dus nog minder tijd voor onszelf en ons gezin. Ik ben het niet eens met deze stelling. Misschien (héél misschien) gaat die stelling op voor een bepaald deel van de Amerikaanse bevolking, maar je kan dit toch niet veralgemenen.

Het beste voorbeeld was vanochtend: ik had door omstandigheden enkele uren vrij. Heb ik die gebruikt om mijn emails te lezen of administratieve taken uit te voeren? Nee, ik ben koffiekoeken gaan halen en heb uitgebreid met mijn gezin ontbeten. Ook heb ik dit jaar één verlofdag meer gekregen (wegens anciënniteit) en die heb ik gebruikt om naar Plankendael te gaan met de familie.

Nu kan je misschien stellen dat de Tijdsparadox niets te maken heeft met incidentele, eenmalige gegevens. Maar zelfs in een structurele tijdsvermindering klopt de stelling niet. Neem nu het voorbeeld van enkele van mijn collega's. Zij hebben beslist om deeltijds te gaan werken. Hun "vrije tijd" is daardoor soms met de helft toegenomen. En als ik hun vraag of ze die tijd dan opvullen met werk (huishoudelijke taken, administratie,...) dan blijken zij stuk voor stuk dit te ontkennen. Ze hebben nog steeds hun poetsvrouw, geven nog steeds hun strijk aan een strijkwinkel. Wat ze dan doen met hun nieuwe "tijd"? Met het gezin gaan wandelen, wat meer sporten, televisie kijken...

Zelfs Claudia, die van een voltijdse baan naar niets is gegaan, besteedt niet meer tijd aan het huishouden dan vroeger. Samen met Caitlin naar de speeltuin of een bezoekje brengen aan oma, dat wel.

Ik wil zeker niet veralgemenen, en waarschijnlijk zijn er wel mensen die een extra vrije tijd zullen opvullen met werk. Maar zeggen dat iedereen dit structureel zou doen (zoals Zimbardo beweert) is té eenzijdig. Hij zou het moeten weten, omdat zijn onderzoek juist aantoont dat er regionale verschillen zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen